MRI
Oogmelanoom is beter vast te stellen dankzij nieuwe MRI-technieken.
Het is onderzoekers van het LUMC gelukt om met nieuwe MRI-technieken diagnoses te stellen voor verschillende oogziekten, waaronder oogmelanoom. Daarmee worden letterlijk ogen van patiënten gered.
Een MRI-scan bij oogmelanoom wordt ingezet voor gedetailleerde 3D-beeldvorming om de exacte omvang en locatie van de tumor te bepalen. Deze methode wordt gebruikt als voorbereiding van de behandeling zoals protonentherapie (HollandPTC) of Brachytherapie (Rutheniumschildje). Het onderzoek helpt bij het onderscheiden van goedaardige en kwaadaardige tumoren en is cruciaal om te zien of de tumor de oogkas heeft aangetast.
Belangrijke aspecten van MRI bij oogmelanoom:
- Doel: Het nauwkeurig in kaart brengen van de tumorgrootte (vooral indien > 7 mm dik of > 16 mm breed) voor het bepalen van de behandelmethode (oogbehoud vs. verwijdering).
- Contrastvloeistof: Vaak wordt contrastvloeistof gebruikt om de tumor en eventuele uitzaaiingen (bijv. in de lever) beter zichtbaar te maken.
- Kenmerken: Oogmelanomen vertonen specifieke kenmerken op T1-gewogen beelden door de aanwezigheid van melanine.
- Toepassing: Het onderzoek wordt gebruikt bij de planning van bestraling (protonentherapie) en helpt soms bij het onderscheiden van inflammatoire aandoeningen.
- Procedure: De scan duurt meestal wel even en vereist dat de patiënt stil blijft liggen, waarbij de oogkas en het oog gedetailleerd in beeld worden gebracht.
Vanwege de hoge resolutie kan de MRI-scan de oogarts helpen bij het bepalen of een tumor in aanmerking komt voor een radioactief schildje of protonentherapie.
Onderzoek toont aan dat nieuwe MRI-technieken, zoals ontwikkeld in het LUMC, nauwkeuriger kunnen zijn dan de standaard echo, wat kan helpen bij het behoud van het oog.